materiaal
1 spelbord, 1 hooiberg, 1 dobbelsteen en voor elke speler: 1 Swiebertje-spelstuk in zijn spelerskleur met opzetstukje
De spelers kruipen in de huid van Swiebertje en proberen zo snel mogelijk de hooiberg (die op de finish staat) te bereiken.
1 spelbord, 1 hooiberg, 1 dobbelsteen en voor elke speler: 1 Swiebertje-spelstuk in zijn spelerskleur met opzetstukje
Het spelbord toont een spoor vanaf het startveld naar de hooiberg, het finishveld. Op sommige velden op het spoor staat een tekening of foto afgebeeld.
Iedere speler zet zijn Swiebertje-figuur op het startveld. Het spel wordt gespeeld in de richting van de klok.

In zijn beurt gooit de speler met de dobbelsteen. Hij mag zijn spelfiguur net zoveel stappen vooruit plaatsen als het aantal ogen op de dobbelsteen.
Eindigt de spelfiguur op een vakje met een cijfer, dan gebeurt er verder niets. Eindigt de spelfiguur op een vakje met een foto of tekening dan moet de bijbehorende opdracht worden uitgevoerd.
Het spel eindigt zodra een speler het finishveld met de hooiberg bereikt.
Het thema van het spel is ontleend aan de bekende TV-serie 'Swiebertje'. Twintig jaar lang wist de vrolijke zwerver Swiebertje, samen met zijn trouwe metgezellen Malle Pietje, Saartje, de Burgemeester en Bromsnor, Nederland aan de buis te kluisteren.