intro
Door listig te bieden tijdens de veilingen verkrijgen de spelers verschillende dieren. Door nog listiger te bluffen maken de spelers elkaar dieren afhandig.
materiaal
40 dierkaarten (10 kwartetten), 55 geldkaarten in verschillende coupures
begin
De dierkaarten worden geschud en op een dichte stapel neergelegd. Iedere speler ontvangt geldkaarten met de volgende waarde: 2×0, 4×10 en 1×50. De overige geldkaarten worden terzijde gelegd.
verloop
De speler die aan de beurt is kan kiezen:
- of hij veilt de bovenste dierkaart;
- of hij begint een koehandel met een medespeler.
De veiling
De actieve speler kruipt in de huid van de veilingmeester en draait de bovenste dierkaart om. Zijn medespelers mogen om de beurt een bod uitbrengen, waarbij het nieuwste bod het vorige bod moet overtreffen. Wil niemand meer hoger bieden, dan stopt de veilingmeester de veiling met de woorden: eenmaal, andermaal, verkocht!
De veilingmeester kan nu kiezen:- of hij overhandigt het dier aan de hoogste bieder en ontvangt van hem het geboden bedrag;
- of hij ontvangt het dier en overhandigt het geboden bedrag aan de hoogste bieder.
Is de gedraaide kaart een ezel, dan wordt het spel onderbroken om elke speler extra geld te overhandigen. De eerste keer ontvangt elke speler een geldkaart met waarde 50, de tweede keer waarde 100, de derde keer waarde 200, en de vierde keer waarde 500. De geldkaarten kunnen nooit gewisseld worden met de voorraad of met een medespeler. Als een speler niet gepast kan betalen, dan betaalt hij gewoon een hoger bedrag. De spelers moeten hun verkregen dierkaarten open voor zich neerleggen.De koehandel
Indien twee spelers eenzelfde dierkaart bezitten, kan de speler die aan de beurt is die speler een koehandel aanbieden. Hebben beide spelers 2 kaarten van hetzelfde dier, dan geldt de koehandel voor het paar! De uitdager brengt een bod uit door één of meer geldkaarten gesloten op tafel te leggen. Zijn medespeler kan kiezen:- Of hij accepteert het bod ongezien. De uitdager ontvangt het dier.
- Of hij brengt, ook gesloten, een tegenbod uit. Beide spelers bekijken het bod van hun tegenstander. De hoogste bieder ontvangt het dier, maar beide spelers behouden het bod van de tegenstander. Bij gelijke stand moet de uitdager nogmaals een bod uitbrengen. Zijn medespeler kan weer kiezen of hij het bod ongezien accepteert of een tegenbod uitbrengt. Is de stand nogmaals gelijk, dan ontvangt de uitdager het dier!
Als de laatste kaart is geveild, is koehandel verplicht tot alle dierkwartetten compleet zijn.
eind
Dan is het spel ten einde en worden de punten geteld. Elk kwartet levert het aantal punten op dat op de dierkaart staat vermeld. Het totaal van de waarde van de kwartetten per speler wordt vermenigvuldigd met het aantal kwartetten van die speler. Wie de meeste punten heeft, is winnaar.
strategie
Let erop dat de waarde van het geld daalt, naarmate de ezel vaker om de hoek komt kijken.
Probeer op een goedkope manier aan dierkaarten met een lage waarde te komen. Veel kleintjes leveren meer punten op dan één grote.
Je hoeft niet gepast te betalen, dus als je alleen maar geldkaarten met waarde 50 hebt, kun je bij een veiling ook beginnen met waarde 10 te bieden. Je zult alleen geen wisselgeld ontvangen!
Als je een koehandel aangeboden krijgt, moet je alleen een tegenbod doen als je verwacht het bod van je tegenstander te kunnen overtreffen. Anders ben je alleen maar je geld kwijt.
waardering van andere sites
[toelichting: Elke balk geeft de waardering van een site weer. AnderSpel bijvoorbeeld geeft dit spel een 8.In het laatste gekleurde blokje staat dan ook 8. Hoe breder het blokje, hoe meer spellen een 8 hebben. De lege blokjes aan het eind van de balk geven de hoeveelheid spellen aan die een hogere waardering kregen.]
varianten
Om de speelduur te verkorten: Bij een veiling worden steeds de bovenste twee dierkaarten tegelijk aangeboden.